Monique de Bree neemt afscheid

door Monique de Bree

Op 28 augustus heb ik afscheid genomen van mijn werk in de 1e Daalsedijkbuurt. Dat gebeurde in speeltuin De Duizendpoot. Dat afscheid was door, met, voor en van buurtbewoners en werkers in die buurt. Afscheid nemen valt me zwaar. Maar de manier waarop het daar gebeurde, heeft me diep geraakt. Het was zo’n goede weerspiegeling van mijn werk de afgelopen 27 jaar en paar maanden! Van baby tot hoogbejaarde, en mensen in alle kleuren van de regenboog kwamen aanwaaien tussen 15u en 20u. en er was ruim de tijd om met mensen rustig te praten. Thuiskomen, niet alleen voor mij.

 In een toespraak werd me een bankje aangeboden door de buurt: om in de speeltuin te plaatsen. Wat goed bedacht! Buurtbewoners hadden de laatste tijd onder meer gezegd: maar tegen wie moeten we dan aanklagen als jij weg bent?! En ik had teruggegrapt dat we dan maar de voegen uit het speeltuinhuisje moesten halen zodat mensen daar briefjes in konden stoppen zoals in de Klaagmuur. Op het bankje stond: Monique de Bree Klaagbankje. Op 4 oktober gaan we die samen plaatsen in de speeltuin.

Hieronder mijn afscheidswoorden die ik daar uitsprak. Ik deel ze graag met u:

 

BUURT:
Ik word veel en ontroerend bedankt deze dagen van afscheid nemen.
Het is nu mijn beurt jullie te bedanken want:
Jullie hebben mij gemaakt tot de buurtpastor die ik moest zijn: ik wist ook niet hoe dat moest!
Jullie hebben me betrokken bij blije & droeve, boze & zachte dingen; bij komen & gaan, bij geboorte & dood;
Ik mocht zijn bij kinderen,
bij kinderen, die jongeren werden,
bij kinderen die ouders zijn geworden,
bij ouders die opa en oma werden.
Jullie hebben me erbij gesleept:

Bij materiële dingen zoals geldzaken waar je slapeloze nachten van krijgt, bij abracadabra papieren, of een plotseling zwembad in je kamer vanwege een onbegrijpelijke lekkage, bij kapotte fietsen en verbogen brillen.
Maar ook en tegelijk bij de dingen van het hart: waar je een veilig iemand voor zoekt, waarover je praten wil en nog eens praten en nóg eens, en waarover we nog steeds praten…

 

Ik heb met jullie gespeeld, gezwommen, huiswerk gemaakt (nou jaaa…: maar met prima schoolresultaten!), een fort gebouwd.
We gingen samen uit, hebben samen gegeten, gefietst, gehuild, gelachen en gescholden.
Ik ben bij rechtbanken en dokters geweest, bij de meester op school.
Heb brieven geschreven, kaartjes gestuurd, gebeld en geappt.
Gekust en tranen gedroogd.
Gevallen en weer opgestaan.
En toen ik ziek werd en nóg een keer, en er niet meer kon zijn voor jullie,
waren jullie er voor mij en zijn jullie voor mij gaan zorgen.

Dat betekende en betekent heel erg veel voor me!
En nu ik tot mijn verdriet moest zeggen dat ik moest gaan stoppen, zorgen jullie ervoor dat ik dat ook kan. Mag ik gaan en voor mezelf zorgen, terwijl jullie me verzekerd hebben dat er vele deuren voor me open blijven staan hier, voor als ik me verveel….

 

Dit was geen baan van 9 tot 5.
Dit was meer dan gewoon werken voor mijn geld.
Dit was en is mijn manier van leven.
Samen met Andries trouwens: dit had ik ook niet gekund zonder hem – en dat wisten jullie: ik kwam vaak met lekkers thuis of tekeningen, briefjes, speciaal voor hem gemaakt; werd naar huis gestuurd: ga eens naar je man! En we konden (moesten!) ons huwelijk hier nog eens heel feestelijk over doen.

 

Voor dit en alles ben ik jullie heel erg dankbaar!

 

SPEELTUIN:

Wat was dit een fantastische plek om mee samen te werken!
We hebben er hard aan gewerkt om hier een huiskamer van de buurt van te maken, waar je samenleven en samen leven met elkaar kunt oefenen. Want zo eenvoudig is dat niet.
Het heeft, zeker de laatste jaren, onder druk gestaan door reorganisaties en wisseling in personeel en dat was niet makkelijk.
Ik wens jullie toe dat het op mag bloeien, met Richard als versterking (zo leuk om dat laatste stukje nog even met jou te mogen werken: de cirkel is rond!) De speeltuin is zo’n mooie plek voor en van de buurt: verover die met elkaar weer terug!

RUTGER:
Ik ben zo blij dat jij er bent! Symbolisch wil ik mijn stokje nu helemaal overdragen (met een fietsbel):
Dat je naast ‘Die Man’; ‘Die Tas’; ‘Rutje’; ‘Rugter’, ‘DIE BEL’ genoemd kan gaan worden: waaraan je herkend zal worden, en opdat mensen (ook die dat nog niet deden) aan je bel zullen trekken en jijzelf klinkend present kunt zijn in deze buurt, zoals je er al bent.
Ik heb het op mijn manier gedaan. Doe jij dat ook: op jouw manier.
Zij hier in de buurt leren je verder wel hoe dat moet en ze zorgen ervoor dat je dat ook kan. Eigen ervaring.

 

TOT SLOT:
Het is nu voor mij de tijd om mijn werk los te laten.
Ik ken jou alleen maar werkend, zei Mandy en ze kon zich er geen voorstelling bij maken dat ik stopte.
Nou, ik ook niet.
Dat wordt dan weer mijn nieuwe avontuur.
Ik laat voor jullie een kleine tastbare herinnering achter (een klok) die, heel toepasselijk, bijna te laat aankwam.
Effe, wil jij het met Esther open maken en samen ophangen op een goeie plek?!

Nogmaals allemaal heel, heel, heel erg bedankt!

 

Monique de Bree

28 augustus 2019.