Skip to content

Buurtpastoraat in tijden van corona

door Heleen Heidinga, buurtpastor Geuzenwijk

Ze is bezorgd, bang eigenlijk. Ayshe is al weken ziek, ook al voor de Corona, maar nu blijft ze maar hoesten en is ze benauwd. De telefoongesprekken met mij zijn inspannend voor haar, omdat ze er alleen maar meer van gaat hoesten. Maar ze wil ook graag haar verhaal kwijt en haar angst delen. Ik vind het moeilijk om aan te horen en maak me zorgen. De dokter heeft haar pufjes gegeven en zegt dat het weheleenl meevalt. Zij voelt zich niet serieus genomen. Ik druk haar op het hart de dokter terug te bellen als ze het gevoel heeft dat ze achteruit gaat of als ze zich zorgen maakt. En ik leg uit dat het echt zo is dat mensen pas getest worden in het ziekenhuis. We bellen dagelijks en ik merk qua gezondheid wel een verbetering bij haar. Van een afstand probeer ik dichtbij te blijven om te kunnen inschatten wat er nodig is.

Haar jongste zoon die in groep 8 zit, heeft na twee en een halve week thuis scholing nog steeds geen beschikking over een laptop. Dat baart mij zorgen. Ayshe heeft even genoeg aan haar eigen gezondheid en kan niet ook nog eens achter een laptop aan. Ze heeft het wel bij school aangegeven maar hun oplossing dat hij dan maar op de telefoon van zijn moeder een aantal dingen moet doen, werkt niet. Ik doe een aanvraag voor een gebruikte laptop bij Stichting Leergeld en ik hoop dat zij snel iets kunnen betekenen. Leergeld wordt overspoeld met aanvragen en heeft het dus erg druk. Dat geeft meteen een beeld van hoeveel kinderen de eerste weken van thuisscholing het zonder laptop moeten stellen.

We bellen dagelijks en ik merk meer verbetering bij haar. Je klinkt minder benauwd Ayshe, je hoest ook minder, zeg ik. Merk je dat zelf ook?  Ze merkt het wel, haar bezorgdheid blijft. Een bezorgdheid die wordt gevoed door de berichten van overlijden om haar heen: de schoonmoeder van de overbuurvrouw, de vader van een vriendinnetje, de schoonvader van haar schoonzusje in Marokko, een heel gezin dat in het ziekenhuis in Utrecht ligt, de dood is angstig dichtbij. Stel nu dat ik dood ga Heleen, dan wil ik mijn kinderen echt niet achterlaten met allemaal kosten. En ik kan ook niet begraven worden in Marokko, want daar kan niet naartoe gevlogen worden. Ze heeft gehoord dat er nu in Almere ook begraven kan worden volgens de Islamitische richtlijnen. Dat wil ze dan eigenlijk wel liever, dan kunnen haar kinderen haar ook bezoeken. Maar ze is niet verzekerd voor een Nederlandse begrafenis en daar zit haar zorg. Als ze dat nu nog allemaal moet regelen, dan moet ze honderden euro’s per maand gaan betalen, geld dat ze niet heeft en niet kan missen.
Ik hoor haar paniek en weet ook dat ze dan opeens grote beslissingen kan nemen. Ik vervloek dat stomme virus, waardoor ik nu niet rustig samen met haar op de bank kan zitten om te praten. Haar niet in de ogen kan kijken en kan zien wat er in haar om gaat, of een arm om haar heen kan slaan.  Ik besluit haar mee te nemen naar 3 weken geleden, omdat ze dan hopelijk zelf ook inziet dat het echt beter met haar gaat.

Lieve Ayshe, zeg ik, het gaat veel beter met je dan 3 weken geleden. Weet je nog hoeveel je toen hoestte? Weet je nog hoe het klonk als je diep inademde? Ja dat weet ik wel, zegt ze, maar…
Nee, zeg ik, even luisteren nog. Jij bent aan de beterende hand. Die Corona, als je die hebt, die duurt lang, daar moet je nog tijden van herstellen. Jij bent weer de hele dag uit bed, je kookt en je zorgt voor je kinderen. Dat deed je toen niet toch? Nee, dat is waar, zegt ze. Als je terugdenkt aan toen, en kijkt hoe je nu bent, wat denk je dan? Ze denkt na. Ja dan voel ik me wel beter ja, zegt ze. Ik heb het idee dat het kwartje nu valt.  Ik stel die begrafenispolis nog maar even uit denk ik, zegt ze. Lijkt me verstandig, antwoord ik opgelucht.

Twee dagen later ontvangt ze per mail een kortingscode voor het aanschaffen van een tweedehandslaptop bij een winkel waar Leergeld bij is aangesloten. Alle laptops in die prijscategorie zijn uitverkocht.